peter moerenhout Ruim vier jaar terug in de tijd, in 2012 werd door stripspecialist Peter Moerenhout het idee opgevat om een ‘verstripping’ te maken van een bestaand kortverhaal van schrijfster Annelies Verbeke. Uit haar omnibus ‘Slaap’, ‘Reus’ en ‘Vissen vertellen’, distilleerde Peter Van Moerenhout een stripscenario, liet het vervolgens uitwerken door 8 verschillende striptekenaars en doopte het verzamelend werkstuk om tot ‘Potpourri’. Dit is vanaf 9 maart levensgroot te bewonderen onder de vorm van een muurschildering (weliswaar digitaal geprint op witte rollen behangpapier) in de Burgzaal van de Vooruit in Gent.

Bij de presentatie ervan werd het aanwezige publiek getrakteerd op een panelgesprek met 3 van de 8 tekenaars; Jeroen Janssen (Abadaringi), Dieter Van der Ougstraete (Fantomia) en Serge Baeken (Sugar). We leerden hun respectievelijke graphic novels beter kennen vanuit 3 totaal verschillende invalshoeken. ‘Abadaringi’ is een visuele uitlaatklep geworden over het relaas van de woelige noodtoestanden in Rwanda. Ten tijde van de genocide, ruim 20 jaar geleden tussen de Hutu’s en Tutsi’s waarbij in totaal naar schatting tussen de 500.000 en 1 miljoen slachtoffers zijn gevallen, woonde en werkte Jeroen Janssen in dit Afrikaanse land.  Hij was leraar in twee plaatselijke kunstacademies. Zijn wedervaren vertelt hij in een prachtig boek aan de hand van honderden mooie illustraties. De titel ‘Abadaringi’ betekent ook letterlijk “Zij, die van de kunstacademie zijn”. Vele van zijn toenmalige vrienden heeft hij na een recent bezoek opnieuw ontmoet. Anderen zijn spoorloos verdwenen, vergeten en begraven in een ‘niemandsgraf’.

Iets luchtiger ging het er aan toe bij de boekbespreking van Dieter Van der Ougstraete. In zijn meesterwerk ‘Fantomia’ drukt hij de consumptiemaatschappij met haar neus op de harde feiten. Niets is zo onschuldig en van kwaad bewust als commercialiteit, rendabiliteit, harde valuta en kapitalisme; in eerste ogenschouw althans. Maar niets is minder waar. Vele herkenbare symbolen uit ons dagelijks leven laten zich in dit boek van een iets minder fraaie kant zien. Een verrassend sprookje met een kritische knipoog naar onze consumptiemaatschappij waarin wij ondergedompeld zijn. Tot slot nog deze vergelijking; Moest Jheronimus Bosch vandaag bestaan, hij zou zonder meer striptekenaar zijn. De gedurfde aanpak van deze vroeg 16de eeuwse kunstschilder waren destijds zeer vooruitstrevend. Een vergelijkbare beeldspraak, metaforen en techniek vinden we vandaag terug in het werk van Dieter Van der Ougstraete.

Ten slotte aan het woord Serge Baeken, politiek cartoonist bij o.a. De Tijd, Knack Focus en NRC. Hij noemt zich grafisch huurling. Ten dienste van krantenredacties waarbij nog steeds het beeld ondergeschikt lijkt aan het woord van de schrijver/journalist. We kennen hem al van eerder verschenen werk ‘Sugar, een leven als kat’ een stripverhaal waarin we het leven van de kat Suske onder de loep nemen.  In 2009 was Serge Baeken Stadstekenaar van Turnhout. Met hem gaan we op zoek naar de flinterdunne grens tussen persvrijheid en censuur. Wat is ‘toelaatbaar’ volgens hem en in hoeverre kan men een eigen beeld opdringen aan een lezerspubliek. Is vrijheid van meningsuiting een vanzelfsprekendheid of moet toch ook de auteur voor zichzelf door anderen (nvdr. een krantenredactie) laten bepalen wat wel en wat nét niet door de beugel kan. Geoorloofde censuur als het ware. Een boeiende uiteenzetting van deze auteur aan de hand van een trits voorbeeld-illustraties.

Deze avond werd aan elkaar gepraat door gastheer Peter Moerenhout. Aan hem de vraag over de totstandkoming van ‘Potpourri’. Geen sinecure alleszins. Vooreerst kregen alle 8 de stripauteurs de opdracht om één figuur uit het verhaal vorm te geven. Nadien konden ze allen samen ‘live onder het oog van de camera’ aan de slag om elk hun twee pagina’s levensgroot uit te tekenen. De continuïteit werd bewaakt door scenarist Peter Moerenhout. Gaandeweg ontstond een eenheid in kleur; het roodoranje-spectrum overheerst het hele werk. Ook de bladindeling draagt bij tot eenheid van het geheel. Elke pagina bestaat immers uit 3 gelijke stroken die meestal zijn opgedeeld in 3 panels. Deze 9-vlakken structuur oogt uniform over alle bladspiegels. Het meest risicovolle en uitdagende was de overgang tijdens het verhaal naar telkens een andere tekenaar die er een andere stijl op nahoudt. Moerenhout heeft dit heel simpel opgelost door geen scènes de laten doorlopen van de ene tekenaar naar de andere maar er telkens een afgesloten bedrijf van te maken.

Het resultaat mag gezien worden! Naast de 3 bovenvermelde  stripauteurs bespeuren we ook nog tekenwerk van Ilah, Kristof Spaey, Maarten De Saeger, Steven De Rie, Val Gallardo, Pieter De Poortere en Pinda.

Mijn twee grote passies zijn televisie en beeldverhalen. Beide media die vertellen aan de hand van beelden.
Het is niet zozeer de boodschap die mij interesseert, maar eerder wie er achter al die verhalen schuil gaat. Dàt heeft mij altijd geïntrigeerd. Zo ook bij stripauteurs.
Als kind ging ik ze thuis vaak opzoeken, die nieuwsgierigheid is altijd gebleven en vandaag combineer ik mijn beide passies bij stritptiek.