Het Hergé museum viert zijn zevenjarig bestaan

LOUVAIN-LA-NEUVE – In het Hergé museum kan je van 20 mei tot en met 26 juni de tijdelijke tentoonstelling ‘Tonnerre de Brest’ bezoeken. Op die manier wil het museum hun zevenjarig bestaan vieren. Je kan er originele tekeningen van het enige onafgewerkte album van Hergé ‘Kuifje en de Alfakunst‘ bewonderen. Alsook een aantal doeken die hij zelf geschilderd heeft samen met een selectie moderne schilderwerken uit zijn privécollectie.

‘Tonnerre de Brest’ (duizend bommen en granaten), één van Haddocks geliefkoosde scheldtirades, is een uitdrukking die hij ontleende van zijn vriend, kunsthandelaar en galeriehouder Marcel Stal. In de jaren zestig vertoefde Hergé vaak in de ‘Galerie Carrefour’.
Hier kwam hij in contact met de wereld van de hedendaagse kunst. Op aanraden van zijn vriend Pierre Sterckx kocht Hergé kunstwerken van onder andere Lucio Fontana, Serge Poliakoff, Jean-Pierre Raynaud, Roy Lichtenstein, Pierre Alechinsky, Frank Stella, Andy Warhol, Ian Dibbets, Sonia Delaunay en Tom Wesselmann.
Toen het in zijn privéleven wat moeilijker ging, volgde hij schilderlessen bij de abstracte kunstenaar Louis Van Lint. Tussen 1962 en 1963 maakte hij kunstwerken in de stijl van Joan Miro, Paul Klee, Serge Poliakoff, Jean Dewasne.

Hergé

Een avontuur dat geen vervolg zal kennen maar waaraan nog wel herinnerd wordt door de zeldzame potloodschetsen van ‘Kuifje en de Alfa-kunst’ (1977-1978-1979), de laatste episode van de avonturen van Kuifje, dat postuum in embryonale vorm zal worden uitgegeven (1986). De auteur is ziek en kan zijn werk niet afmaken. In ‘Kuifje en de Alfa-kunst’ grijpt Hergé terug naar de thematiek van de moderne kunst, met de kunstgalerijen, de verkopers, maar ook de vervalsers.

Passie voor beeld en verhaal. Maar vooral op Striptiek.tv aanwezig voor technische ondersteuning.